Huis Sonneveld | Brinkman & Van der Vlugt| 1933

Bij je entreebewijs van het Nieuwe Instituut hoort ook een kaartje voor Huis Sonneveld; een woonhuis gebouwd eind jaren twintig in de stijl van Het Nieuwe Bouwen, de architectuur van “licht, lucht en ruimte”. Deze villa was bestemd voor één van de directeuren van de Van Nellfabriek. De woning bestaat uit een betegelde onderbouw met dienstruimtes en een studio op het zuiden. De woonvertrekken op de verdieping met een raamstrook over de gehele gevelbreedte en de slaapvertrekken op de tweede verdieping. Zoals alle villa’s van Van der Vlugt is ook deze woning voorzien van een dakterras. Zeker ook de moeite van het bekijken waard.

Art on Display | Lina Bo Bardi |

In Het Nieuwe Instituut was de tentoonstelling “Art on Display 1949-69”. Een expositie over de verschillende manieren waarop in dit tijdvak kunst tentoongesteld werd. Grappig om eens niet te kijken naar het kunstwerk, maar naar de manier waarop het gepresenteerd word. Als bezoeker ben je er vaak niet van bewust dat daar vaak lang over nagedacht en veel werk aan besteed is. In de tijd tussen 1949 en 1969 was men op zoek naar een nieuwe verhouding tussen kunst en publiek en werden verschillende nieuwe ideeën gelanceerd. Op de foto zie je hoe Lina Bo Bardi, de vrouw van de directeur van het Museu de Arte in São Paulo, de kunstwerken op een soort schildersezels plaatste, in de vrije ruimte. Ze wilde dat dat schilderijen als werken op zich werden gezien. De opstelling was een groot succes en zou bijna dertig jaar lijven staan.

Het Nieuwe Instituut | Jo Coenen | 1993

Laatst bezocht ik Rotterdam om eens een kijkje te nemen in o.a. het Nieuwe Instituut. Vaak heb ik het gebouw aan de buitenkant aanschouwd bij mijn vele bezoekjes aan de musea aan het Museumplein, maar ik was er nog nooit binnen geweest, dus een leuk uitstapje voor de zondagochtend. Het Bij de meervoudige opdracht voor het gebouw van het Nederlandse Architectuurinstituut aan zes architecten in 1988 was Jo Coenen de winnaar. Hij bracht de  hoofdfuncties van het gebouw onder in afzonderlijke gebouwdelen. Elk gebouwdeel heeft een eigen architectonische karakteristiek en een eigen relatie met de omgeving. Het langgerekte archiefgebouw volgt de kromming van de Rochussenstraat en sluit daarmee het Museumpark af. Het beeld op de voorgrond is van Auke de Vries, die dit speciaal voor dit gebouw ontwierp en dat een jaar na de opening geplaatst werd (in 1994). Het heeft geen titel en de kunstenaar wilde er pas aan beginnen toen het gebouw grotendeels klaar was, omdat het werk één moest worden met het gebouw. Dat is zeker gelukt, vind ik.

De bomenfamilie | Félix Vallotton | 1922

In 1917 bracht Vallotton een bezoek aan Verdun in oorlogstijd, iets wat hem zwaar gevallen is, en wat nog lang in zijn werken door zou klinken. Na de oorlog ondernam hij nog vele reizen door heel Frankrijk, wat terug te vinden is in de vele schilderingen van de landschappen van de streken waar hij op bezoek was. Vallotton was een man van tegenstellingen. Hij was een verleider en een onuitstaanbaar chagrijn. Hij was gepassioneerd en gevoelig maar ook bedachtzaam. Hij was een mens van zijn tijd, succesvol kunstenaar, gevierd door zijn leerlingen, bereisd en bekend met de gehele artistieke elite. Maar hij cultiveerde ook de voor die tijd karakteristieke melancholie, die melancholie en die zwarte kijk liet hij ook in zijn kunst zien, waardoor deze verheven werd boven het gemiddelde.

Interieur slaapkamer met twee figuren | Félix Vallotton | 1904

Bevriend als hij was met Édouard Vuillard, Pierre Bonnard en Maurice Denis kwam Vallotton welhaast vanzelfsprekend ook in de jonge kunstenaarsgroep Les Nabis (een groep postimpressionistische Franse kunstschilders in Parijs en Bretagne) terecht. Aan de eerste tentoonstelling van de Nabis werkte Vallotton mee. Met de uitwerking van de serie Intimités was hij op de top van zijn artistieke loopbaan aangekomen. In 1899 trouwde Vallotton met Gabrielle Rodrigues-Henriques, de dochter van de Parijse kunsthandelaar Alexandre Bernheim, een weduwe met drie kinderen. Met dit huwelijk was hij voortaan van zijn financiële problemen verlost en kon hij zich helemaal aan de schilderkunst wijden. Direct vanaf de eerste editie nam Vallotton deel aan de Parijse Herfstsalon, en jarenlang zou hij zijn bijdragen aan de Salon leveren. Ook leverde Vallotton bijdragen aan vele andere internationale tentoonstellingen.