Twee slapende meisjes op de kachelbank | Albert Anker | 1895

Van de 600 olieverfschilderijen die Anker produceerde, zijn er 250 die kinderen als onderwerp hebben. Deze schilderijen staan bekend als zijn ‘kindertaferelen’. Wat menigeen daarin aanspreekt, is de uitbeelding van de kinderwereld in die tijd. Daarbij gaat het om ‘echte kinderen’. Zijn kinderen poseren niet, maar gaan vaak volledig op in hun handeling. Albert Anker toont zich een kinderkenner bij uitstek. Het is natuurlijk ook een prachtig onschuldig plaatje; slapende kinderen, je kunt er uren naar kijken.

Jonge moeder die naar haar slapende kind kijkt | Albert Anker | 1875

Albert Samuel Anker (1831-1910) was een Zwitsers kunstschilder, vooral bekend om zijn realistische stillevens en genrewerken. Hij was de zoon van een dierenarts. Zijn moeder overleed toen hij zestien was. Al op jonge leeftijd kreeg hij tekenlessen van een privé-leraar, maar uiteindelijk startte hij in 1851 een studie theologie. Na een reis naar Parijs verzocht hij eind 1853 zijn vader om zijn studie te mogen beëindigen om kunstschilder te worden. Toen deze toestemde trok hij opnieuw naar Parijs en trad in de leer bij zijn landgenoot Charles Glevre, waar later ook Renoir zou studeren. Van 1856 tot 1862 maakte hij studiereizen naar Bretagne, het Schwarzwald, Italië, Duitsland en België. Na de dood van zijn vader in 1860 nam hij het ouderlijk huis in Ins over en zou daar vaak in de zomers schilderen. In 1891 gaf hij zijn atelier in Parijs op om zich definitief te vestigen in zijn geboortedorp.

Naakt meisje | Gwen John | 1910

Vanaf 1911 woonde John in Meudon, een voorstad van Parijs. In 1913 bekeerde ze zich tot het katholicisme. In haar dagboeken uit die periode staan veel gebeden en meditaties opgenomen en ze uit de wens “Gods kleine kunstenaar” of een heilige te mogen worden. Haar relatie met Rodin komt tot een einde. Tot aan het einde van haar leven zou ze een teruggetrokken leven leiden. Ze exposeerde enkel in 1919 op de Salon d’Automne en had in 1936 haar enige solo-expositie in Londen. Haar laatste schilderij dateert van 1933. In 1939 stortte ze in elkaar tijdens een verblijf in Dieppe en overleed daar in een ziekenhuis, op 63-jarige leeftijd. Ze overleed zonder veel erkenning te hebben geoogst.

Meisje met ontblote schouders | Gwen John | 1910

Het werk van John bestaat hoofdzakelijk uit vrouwenportretten in klein formaat, meestal van onbekende modellen, vaak ook nonnen. Ze schilderde echter ook interieurs en landschappen en maakte veel schetsen van haar katten. Hier en in het volgende stukje zien we het portret van model Fenella Lovell. Rodin had Lovell als model afgewezen omdat hij haar te dun vond, maar haar blauwe ogen spraken John tot de verbeelding. Zelf boeit dit portret me ook; het meisje ziet er ontredderd, verdrietig en een beetje ziekelijk uit. John schilderde langzaam, haast neurotisch, vanuit een systematische voorbereiding. Een van haar modellen zei ooit: “ze maakt je haren los, kamt het alsof het haar eigen haar is en langzaam neemt haar hele persoonlijkheid bezit van je”.

Meisje lezend bij het raam | Gwen John | 1910

Gwen John was de dochter van een advocaat en de oudere zus van kunstschilder Augustus John. Ze werd tijdens haar leven als schilderes overschaduwd door haar broer, maar tegenwoordig neemt de waardering voor haar werk toe. Van 1895 tot 1898 studeerde ze te Londen aan de Slade School of Fine Art en aansluitend ging ze vier maanden in de leer bij James McNeill Whistler te Parijs. In 1899 keerde ze terug naar Londen, maar in 1904 vestigde ze zich definitief in Frankrijk, te Parijs. In datzelfde jaar zou ze model staan voor de 35 jaar oudere beeldhouwer Auguste Rodin, wiens minnares ze werd en tien jaar lang zou blijven. Ze verkeerde in vooraanstaande artistieke milieus en was bevriend met kunstenaars als Matisse, Picasso, en Brancusi.