Johannes de Doper in de wildernis | Geertgen tot Sint Jans | 1490-1495

Dit prachtige paneeltje (42 x28 cm) is vrijwel zeker van Geertgen tot Sint Jans. Johannes de Doper ziet er een beetje zielig uit vind ik, maar is aan het peinzen waarschijnlijk. Wetenschappers menen zelfs te kunnen zien waaraan hij denkt: volgens de een peinst Johannes over zijn eigen dood, die hij zelf had voorspeld (de weelderige natuur staat dan symbool voor het onafwendbare verval). Volgens een ander denkt Johannes na over de noodzaak van berouw, omdat hij daarover na zijn terugkeer uit de wildernis zou preken. We zullen het nooit weten, maar dit werk kun je bewonderen in de Gemäldegalerie in Berlijn.

De boom van Jesse | Geertgen tot Sint Jans | 1500

Slechts twee panelen, geschilderd als beide zijden van een zijluik voor een altaarstuk voor de Janskerk in Haarlem en nu in het Kunsthistoriches Museum van Wenen, zijn met zekerheid van Geertgen tot Sint Jans. De stijl ervan is echter zo kenmerkend – slanke, popperige figuren met nogal eivormige hoofden met lang voorhoofd – dat een vijftiental andere schilderijen met wisselende zekerheid aan hem kunnen worden toegeschreven. Daarvan zijn er zes die in stijl sterk overeenkomen met de twee panelen uit Wenen. Dit werk wordt ook wel toegeschreven aan Jan Mostaert, die in dezelfde kringen verkeerde. Het verhaal van “De boom van Jesse”: Terwijl hij slaapt, groeit er een boom uit Jesse’s lichaam met daarop de twaalf koningen van Juda, de voorouders van Christus, en Maria met het Christuskind in de top. Links knielt een non in een witte gewoonte, waarschijnlijk uit de Orde van St.Mary Magdalena. Zij is de schenker van het schilderij.

Verheerlijking van Maria | Geertgen tot Sint Jans | 1490

Geertgen tot Sint Jans, tevens bekend als Gerrit van Haarlem was een Nederlands schilder, actief in Haarlem aan het eind van de vijftiende eeuw. Over zijn leven is weinig bekend. Hij zou in Leiden geboren zijn rond 1460/1465. Volgens Karel van Mander, in zijn Schilderboeck, was hij een Lekenbroeder in het klooster van Sint Jan in Haarlem (waaraan hij zijn naam ‘tot Sint Jans’ dankte), was hij een leerling van Albert van Ouwater ( één van de eerste olieverfschilders in Holland) en stierf hij jong, op ongeveer achtentwintigjarige leeftijd. Helemaal duidelijk is het niet of dit schilderij echt van hem is, maar anders zeker van iemand uit zijn omgeving. Het is een prachtig werk, wat zich in de collectie van Boijmans van Beuningen bevindt. Het was waarschijnlijk onderdeel van een tweeluik, het andere paneel, dat zich in de collectie van de National Galleries of Scotland bevindt, stelt “De kruisiging met de heiligen Hieronymus en Dominicus” voor.

Verveling | Walter Sickert | 1914

In 1926 kreeg hij een ziekte, vermoedelijk een lichte beroerte. In 1927 verliet hij zijn voornaam ten gunste van zijn middelste naam, en koos er daarna voor bekend te staan ​​als Richard Sickert. Zijn stijl en onderwerp veranderden ook: Sickert stopte met tekenen en schilderde in plaats daarvan van kiekjes die gewoonlijk door zijn derde vrouw, Thérèse Lessore, werden gemaakt , of van nieuwsfoto’s. De foto’s werden vierkant gemaakt voor vergroting en overgebracht naar canvas, met hun potloodroosters duidelijk zichtbaar in de voltooide schilderijen. Sickert stierf in Bath, Somerset in 1942, op 81-jarige leeftijd. Hij had in zijn latere jaren veel tijd in de stad doorgebracht, en veel van zijn schilderijen tonen de gevarieerde straatscènes van Bath. 

De Camden moord | Walter Sickert | 1906

In het boek Portrait of a Killer van Patricia Cornwell wordt Walter Sickert aangewezen als dé hoofdverdachte in de Jack the Ripper zaken. Het profiel van zijn karakter zou volgens Cornwell overeenkomen met het profiel van een psychopaat. Meerdere van Sickerts schilderijen komen overeen met de toestand waarin de vermoorde vrouwen zich bevonden op het tijdstip van de moorden. Sickert walgde van de ‘lagere’ bevolkingsgroepen, en al helemaal van vrouwen die in deze sociale klasse verkeerden. Walter was – volgens Cornwell – een acteur, en meester in het dragen van vermommingen, eenmaal in zijn rol was de ware hij niet meer te vinden. Niet alleen schilder dus maar misschien ook een seriemoordenaar…..ik hou van dit soort verhalen!