Categoriearchief: 18de en 19de eeuw

Solidariteit | George Minne | 1898

Dit mooie werk van George minne zag ik in het MSKGent. In 1898 ging Minne zich in Sint- Martens-Latem vestigen en nam er de eerste Latemse groep kunstenaars op sleeptouw, de kunstschilders Albijn van den Abeele, Valerius de Saedeleer, Albert Servaes en Gustave Van de Woestyne. Het werd de groep der mystieke symbolisten, de zgn. eerste Latemse school. Kort voor de Eerste Wereldoorlog, in 1912, werd hij leraar aan de Gentse Academie. Tijdens de oorlog week hij met zijn vrouw uit naar Wales. Na de oorlog trok hij terug naar de Academie, als leraar, tot 1919. Op 25 april 1931 werd hem een baronnentitel verleend. Hij werd begraven op het kerkhof van Sint-Martens-Latem.

Portret van een kleptomaan | Théodore Géricault | 1820

Een ander, zeer indringend, portret van een man deze keer. Rond 1820 schildert Géricault in het Parijse hospitaal van La Salpêtrière het Portret van een kleptomaan. De kunstenaar is bevriend met de geneesheer Etienne Jean Georget, die in het hospitaal werkzaam is. Georget is vooral bekend door zijn studie naar monomanie en de introductie van het concept van ontoerekeningsvatbaarheid in rechtszaken tegen psychiatrische patiënten. Naast de wetenschappelijke belangstelling van Géricault is het vooral de belangstelling voor de geportretteerde zelf die dit kunstwerk uitstraalt. Je kijkt in de ziel van deze man en voelt een hoop pijn. Dat is bijzonder.

De Zuiderhavendijk in Enkhuizen | Cornelis Springer | 1868

Een prachtig initiatief vind ik het dat er meer kunstwerken uit de enorme depots van de Nederlandse musea tentoongesteld worden. Zeker ook leuk dat de kleinere musea daar een graantje van mee pikken, wat hard nodig is om het hoofd boven water te houden na de coronaperiode. Cornelis Springer is één van de meest geliefde kunstenaars van zijn tijd. Ondanks economisch magere jaren en het verval dat overal in Nederland zichtbaar is, “portretteert” hij ons land alsof alles bij het oude is. Springer heeft oog voor detail waardoor de architectuur in zijn stadsgezichten uiterst nauwkeurig is. Hij schroomt echter ook niet om elementen die hem niet bevallen buiten beeld te laten.

Binnenplaatsje | Andreas Schelfhout | 1822

Een paar weken geleden was ik in De Markiezenhof in Bergen op Zoom om de expositie “Hoge Luchten” te zien. Dit is de derde expositie in een serie over de elementen aarde, water, lucht en vuur, georganiseerd door Stichting M5. M5 is een samenwerkingsverband van vijf stadsmusea: Museum Gouda, het Markiezenhof in Bergen op Zoom, Gemeentemuseum Het Hannemahuis in Harlingen, het Westfries Museum in Hoorn en het Stedelijk Museum Zutphen. Deze musea speuren in het depot van het Rijksmuseum naar verrassend werk van onbekende meesters en onbekend werk van beroemde schilders. Het Markiezenhof, het oudste stadspaleis van Nederland vormt een uniek decor voor 39 prachtige schilderijen uit het Rijksmuseum, die deze keer in het teken staan van hoge luchten, zoals dit prachtige werkje van Andreas Schelfhout.

Monaco Monte Carlo | Alphonse Mucha | 1897

Alphonse Mucha probeert zijn werk bewust zo aantrekkelijk mogelijk te maken. Hij baseert zich op eigentijdse (pseudo) wetenschappelijke inzichten: wanneer het oog kronkelende, golvende lijnen volgt zou dat een aangenaam effect op de oogspieren hebben. waardoor de geest de waargenomen vorm als “mooi” of “aantrekkelijk” ervaart. En die meest aantrekkelijke lijnen vind je gewoon in de natuur: het menselijk lichaam, bloemen en bladeren. Een zeer uitgebreide tentoonstelling over Alphonse Mucha in het Kunstmuseum in Den Haag. Het is aan te raden van te voren kaartjes te reserveren, want ondanks dat was het erg druk. Nog te zien tot 3 juli 2022. Meer info: www.kunstmuseum.nl